Verkoop percelen Zoersedijk en Zuidveensdijk te Exloo
Gedeputeerde Staten van de Provincie Drenthe (hierna te noemen “Provincie”) zijn voornemens om een verkoopovereenkomst te sluiten met een partij (hierna te noemen "de gegadigde”) waarbij de Provincie twee percelen grond gelegen aan de Zoersedijk en Zuidveensdijk te Exloo verkoopt ten behoeve van de realisatie van het Natuurnetwerk Nederland (NNN).
De door de provincie te verkopen percelen betreft:
De percelen kadastraal bekend
gemeente Odoorn, sectie N, nummer 1279 groot 04.80.25 ha;
gemeente Odoorn, sectie N, nummer 2856 groot 05.03.25 ha;
hierna te noemen ‘de percelen’.
De gegadigde is voorafgaand aan de voorgenomen transactie eigenaar geweest van de betreffende percelen en heeft deze percelen aantoonbaar ingebracht in de gebiedsontwikkeling.
De voorgenomen transactie is onderdeel van één samenhangende grondtransactie waarbij de Provincie de percelen tijdelijk verwerft met oog op realisatie van NNN en deze vervolgens onder oplegging van een kwalitatieve verplichting terug verkoopt aan gegadigde.
Gelet op het voorgaande, is de Provincie van oordeel dat er op grond van objectieve, redelijke en toetsbare criteria slechts één serieuze partij in aanmerking komt voor verkoop door het sluiten van een verkoopovereenkomst voor het perceel, te weten: de gegadigde.
Vervaltermijn
Iedere serieuze gegadigde die vindt dat hij op grond van voornoemde objectieve, redelijke en toetsbare criteria ook voor een verkoopovereenkomst in aanmerking komt met betrekking tot het perceel, dient binnen twintig (20) kalenderdagen na de dagtekening van deze publicatie (uiterlijk op 25 juni 2026) een kort geding aanhangig te maken met betrekking tot die zaak bij de rechtbank Noord-Nederland. Hij dient dit tijdig vooraf te melden aan [email protected] onder vermelding van “bedenkingen tegen verkoop percelen Zoersedijk en Zuidveensdijk te Exloo” zodat bij de aanvraag van het kort geding onder meer rekening kan worden gehouden met de verhinderdata van (de advocaat van) de Provincie.
Bij gebreke van het tijdig aanhangig maken van een kort geding binnen voornoemde termijn, vervalt het recht tegen al het voornoemde in rechte op te komen en/of daarop enige vordering tot schadevergoeding of welke andere aanspraak dan ook te baseren, althans heeft u uw rechten daarop verwerkt. De Provincie en haar wederpartij zouden immers onredelijk worden benadeeld indien pas na deze (duidelijk kenbaar gemaakte) termijn alsnog tegen het voornemen respectievelijk het aangaan van de overeenkomst(en) zou worden opgekomen. Bij gebreke van het tijdig aanhangig maken van een kort geding acht de Provincie zich vrij om na verloop van twintig (20) dagen na datum van deze publicatie inzake dit voornemen, haar medewerking te verlenen aan de verkoopovereenkomst aan de gegadigde.
De Provincie publiceert dit voornemen op 5 juni 2026 Met deze publicatie geeft de Provincie uitvoering aan het arrest van de Hoge Raad d.d. 26 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778).
Voor eventuele vragen en/of nadere inlichtingen met betrekking tot deze publicatie kunt u een e-mailbericht sturen naar [email protected] onder vermelding van: naam, adres en functie afzender (bedrijf en personen), publicatiedatum en uw vraag. Het stellen van vragen of anderszins contact met de Provincie naar aanleiding van deze publicatie ontslaat u niet van het tijdig aanhangig moeten maken van voornoemd kort geding.